Beknopt

5.1. Bestuurlijke voorgeschiedenis

Op 1 december 2015 hebben de provincie Noord-Brabant en de gemeenten Moerdijk, Drimmelen, Breda en Zundert een convenant gesloten waarin afgesproken is dat er een Provinciaal Inpassingsplan wordt opgesteld om windmolens langs de A16 mogelijk te maken. Dit vloeit voort uit het eerder genoemde bod van de regio West-Brabant.

De provincie Noord-Brabant heeft met de Regio West-Brabant (RWB) eind 2011 afgesproken om onder de titel ‘Opgave Rijk: grootschalige locatie A16’ 74,45 MW – 126,45 MW windenergie te realiseren langs de rijksweg A16.

  • De gemeente Moerdijk heeft in het regionaal bod aangegeven 15 – 20 MW te willen realiseren op locatie Zonzeel-West.
  • De gemeente Drimmelen heeft op 21 juni 2012 het aanbod van de Regio West-Brabant vastgesteld. Dat is 9 – 12 MW in het zoekgebied nabij knooppunt Zonzeel.
  • In het regionaal bod geeft de gemeente Breda aan 41,45 MW – 58,45 MW te willen realiseren. In het buitengebied langs de A16 zijn zoeklocaties aangegeven voor windmolens.
  • Op 25 oktober 2012 is door de raad van de gemeente Zundert de visie van de Regio West-Brabant voor het aanwijzen van locaties voor de windenergie onderschreven. Hierin staat dat Zundert 9 – 36 MW wil realiseren op locatie Hazeldonk-West.

In het regionaal bod windenergie geeft de Regio West-Brabant aan dat er plannen zijn van particuliere initiatiefnemers voor de locatie Zonzeel, dat beide locaties Hazeldonk aansluiten op de bestaande windmolens in de gemeente Hoogstraten (België) en dat er een uiterste inspanning vereist is om de locaties Nieuwveer, Hazeldonk-Oost en Zundert (Treeport) in te passen in de provinciale Structuurvisie en Verordening ruimte.

Op 1 december 2015 hebben de provincie Noord-Brabant en de gemeenten Moerdijk, Drimmelen, Breda en Zundert een convenant gesloten waarin afgesproken is dat er een Provinciaal Inpassingsplan wordt opgesteld om windmolens langs de A16 mogelijk te maken. Dit vloeit voort uit bovengenoemde bod van de regio West-Brabant. In het convenant onderschrijven alle partijen het belang van afspraken over ‘sociale participatie’, de betrokkenheid en inbreng van burgers bij de plaatsing van windmolens en het gebruik van duurzame energie. De gemeenten stellen in onderling overleg de randvoorwaarden op voor de sociale participatie. Tevens maken zij afspraken met projectontwikkelaars en lokale energie coöperaties.