Beknopt

8.7. Archeologie

Voor het milieuaspect archeologie wordt getoetst of op een bepaalde locatie archeologische waarden bekend zijn dan wel te verwachten zijn. Ten behoeve hiervan wordt per MER-alternatief beoordeeld of de windturbines binnen of in de nabijheid van een terrein van archeologische waarde of een gebied met een (middel)hoge archeologische verwachting zijn gelegen. Hiermee kan een inschatting gemaakt worden of archeologische waarden te verwachten en aan te treffen zijn tijdens de bouw van het windpark. Onderstaande tabel toont welke resultaten leiden tot welke score.

Tabel - Conclusie archeologie
Conclusie archeologie

 

Inleiding

Voor het milieuaspect archeologie wordt getoetst of op een bepaalde locatie archeologische waarden bekend zijn dan wel te verwachten zijn. Ten behoeve hiervan wordt per MER-alternatief beoordeeld of de windturbines binnen of in de nabijheid van een terrein van archeologische waarde of een gebied met een (middel)hoge archeologische verwachting zijn gelegen. Hiermee kan een inschatting gemaakt worden of archeologische waarden te verwachten en aan te treffen zijn tijdens de bouw van het windpark.
 

Toetsingskader

Wet op de archeologische monumentenzorg
In de Wet op de archeologische monumentenzorg (2007) zijn de uitgangspunten van het Verdrag van Malta (1992) binnen de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd. De wet regelt de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem, de inpassing ervan in de ruimtelijke ontwikkeling en de financiering van opgravingen, waarbij in beginsel geldt: “de veroorzaker betaalt”. Het belangrijkste doel van de wet is het behoud van het bodemarchief “in situ” (ter plekke), omdat de bodem de beste garantie biedt voor een goede conservering van de archeologische waarden. Gemeenten zijn verplicht om in het proces van ruimtelijke ordening tijdig rekening te houden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Op die manier komt er ruimte voor overweging van archeologievriendelijke alternatieven.

Na de invoering van het Verdrag van Malta in de Nederlandse wetgeving hebben provincies de bevoegdheid gekregen om zogenaamde attentiegebieden aan te wijzen. Dit zijn gebieden die archeologisch waardevol zijn of naar verwachting waardevol zijn. Gemeenten zullen in dat geval verplicht worden hun bestemmingsplan(nen) in het desbetreffende gebied te herzien.

De gemeenten Moerdijk, Drimmelen, Breda en Zundert hebben invulling gegeven aan hun zorgplicht voor het (gemeentelijk) erfgoed door een erfgoedverordening op te stellen. Hierin wordt behoud van archeologie en cultuurhistorie geborgd. Aan het beleid ligt de archeologische beleidskaart ten grondslag. De kaart is ingedeeld in categorieën waaraan maatregelen c.q. vrijstellingsgrenzen zijn gekoppeld. Het gaat daarbij om de combinatie tussen de toegestane verstoringsdiepte en de oppervlakte van een geplande ontwikkeling. Deze grenzen zijn bepaald op basis van de gemeentelijke archeologiekaart en gemeentelijke belangen. Ook geldt er een wettelijke meldingsplicht; indien er archeologische waarden worden gevonden bij bouw- of andere werkzaamheden (zijnde geen archeologisch onderzoek) dient hiervan melding gemaakt te worden volgens art. 5.10 van de Erfgoedwet bij de Minister van OC&W.

Moerdijk:
In het plangebied komen waarde- Archeologie 6 en 7 voor. Hier geldt dat voor werkzaamheden dieper dan 50 cm respectievelijk 200 cm over een oppervlakte groter dan 250 m² een omgevingsvergunning aangevraagd dient te worden. Aan deze omgevingsvergunning ligt een archeologisch onderzoek ten grondslag. Als uit dit onderzoek blijkt dat verstoring van archeologische waarde kan plaatsvinden, dienen maatregelen ter behoud van de waarden genomen te worden.

Drimmelen:
Op grond van de voorkomende waarde- Archeologie 1 in het plangebied moet bij grondwerkzaamheden dieper dan 0,5 meter een omgevingsvergunning aangevraagd worden waar een archeologisch onderzoek aan ten grondslag ligt. Als uit dit onderzoek blijkt dat verstoring van archeologische waarde kan plaatsvinden, dienen maatregelen ter behoud van de waarden genomen te worden.

Breda:
Voor Buitengebied Noord geldt dat op grond van voorkomende archeologische waarde geen bouwwerken geen gebouwen zijnde –hetgeen windturbines zijn - gebouwd mogen worden. Slechts als uit archeologisch onderzoek blijkt dat er ter plaatste geen daadwerkelijke archeologische waarden aanwezig  zijn, kan een vergunning afgegeven worden.

Voor Buitengebied Zuid geldt dat op grond van voorkomende archeologische waarde slechts tot 100 m2  gebouwd mag worden. Als door middel van archeologisch onderzoek aangetoond wordt dat ter plaatse waar gebouwd gaat worden geen archeologische waarden aanwezig zijn, kan het college hiervoor ontheffing verlenen. Wanneer er wel daadwerkelijk archeologische waarden aanwezig zijn, dient een vergunning aangevraagd te worden.

Zundert:
In het plangebied komen waarde- Archeologie 2 en 4 voor. Hier geldt dat voor bouwwerkzaamheden met respectievelijk werkzaamheden dieper dan 40 cm over een oppervlakte groter dan 100 m² of dieper dan 50 cm over een oppervlakte groter dan 500 m² een omgevingsvergunning aangevraagd dient te worden. Aan deze omgevingsvergunning ligt een archeologisch onderzoek ten grondslag. Als uit dit onderzoek blijkt dat verstoring van archeologische waarden kan plaatsvinden, dienen maatregelen ter behoud van de waarden genomen te worden.

 

Beoordelingscriteria

Het milieuthema archeologie wordt beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:

  • Aantal windturbines op gronden met middelhoge of hoge archeologische verwachtingswaarde.
  • Aanwezigheid van windturbines op gronden aangeduid als ‘terrein van archeologische waarde’.

Voor gebieden met middelhoge of hoge archeologische verwachtingswaarde kan gesteld worden dat bij plaatsing van windturbines er een relatief grotere kans bestaat op aantasting of verlies van archeologische waarden.
 

Effectbeoordeling

Onderstaande tabel toont welke resultaten leiden tot welke score. Omdat er geen positieve score mogelijk is zijn deze klassen niet in de tabel opgenomen.

Tabel - Score milieuthema archeologie      

Score milieuthema archeologie

Onderzoek

Voor het milieuaspect archeologie is getoetst of op een bepaalde locatie archeologische waarden aanwezig dan wel te verwachten zijn. Hiermee kan op globale wijze de kans op aantasting of verlies van archeologische waarden worden bepaald. In het MER wordt voor archeologie alleen de fysieke aantasting beoordeeld. De effectbeoordeling zal plaats vinden aan de hand van het aantal windturbines c.q. het ruimtebeslag van de alternatieven binnen gebieden met middelhoge (ook wel gematigde) en hoge archeologische verwachtingswaarde (trefkans) en/of ruimtebeslag binnen terreinen met archeologische waarde. Gesteld kan worden dat bij plaatsing van windturbines in gebieden met dergelijke (verwachtings)waarde, er een relatief grotere kans bestaat op aantasting of verlies van archeologische waarden. Het is voor deze gebieden tevens aannemelijk dat er voorafgaand aan werkzaamheden eerst archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd. Dit kan als positief effect hebben dat er een beter en vollediger beeld ontstaat van de daadwerkelijke aanwezige archeologische waarden op die specifieke locatie.

De gecombineerde ‘Archeologische Monumentenkaart (AMK)’ en de ‘Indicatieve kaart archeologische waarden (IKAW)’, beschikbaar op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed[1], geeft voor heel Nederland de trefkans op archeologische  waarden aan bij werkzaamheden in de bodem. Uit de AMK/IKAW is af te lezen dat  het noordelijk deel van het plangebied Windenergie A16 een grotendeels ‘lage’ trefkans[2] heeft. De rest van het plangebied heeft deels ‘lage’, deels ‘middelhoge’ en deels ‘hoge’ trefkans.

Figuur - AMK/IKAW (plangebied aangeduid met rode stippellijn)

AMK/IKAW (plangebied aangeduid met rode stippellijn)

Bovenstaande kaart geeft slechts een indicatie van aanwezigheid van archeologische waarden weer. De gemeenten Moerdijk, Drimmelen, Breda en Zundert hebben elk eigen archeologiebeleid opgesteld. Dit is gebaseerd op de gemeentelijke archeologiekaarten. Hieronder volgt per gemeente een korte beschrijving van de archeologische verwachtingswaarde die volgt uit de archeologiekaarten.

 

Moerdijk
In de ‘Archeologische waarden- en verwachtingenkaart’ (zie onderstaande figuur) van de gemeente Moerdijk zijn binnen het plangebied van het project Windenergie A16 de volgende archeologische verwachtingen opgenomen: ‘laag’, ‘middelhoog’ en ‘hoog’.

 Figuur - Archeologische waarden- en verwachtingenkaart grondgebied Moerdijk (IDDS) (plangebied aangeduid met rode stippellijn) 

Archeologische waarden- en verwachtingenkaart grondgebied Moerdijk (IDDS) (plangebied aangeduid met rode stippellijn)

Drimmelen
In de ‘Archeologische verwachtingenkaart’ (zie onderstaande figuur) van de gemeente Drimmelen zijn binnen het plangebied van het project Windenergie A16 de volgende archeologische verwachtingen opgenomen: ‘laag’, ‘middelhoog’ en ‘hoog’.

 Figuur - Archeologische verwachtingenkaart grondgebied Drimmelen (Oranjewoud, 2012) (plangebied aangeduid met rode stippellijn) 

Archeologische verwachtingenkaart grondgebied Drimmelen (Oranjewoud, 2012) (plangebied aangeduid met rode stippellijn)

Breda
In de ‘Beleidsadvieskaart Breda’s Erfgoed deel 1 Archeologie’ van de gemeente Breda (zie onderstaande figuur) zijn binnen het plangebied van het project Windenergie A16 de volgende archeologische verwachtingen opgenomen: ‘laag’, ‘middelhoog’ en ‘hoog’. Tevens zijn er ‘terreinen van archeologische waarde’ aanwezig binnen het plangebied.

Figuur - Beleidsadvieskaart Breda’s Erfgoed deel 1 Archeologie (gemeente Breda, 2008) NB: Enkele terreinen ten (noord)westen van Breda zijn afgevallen a.g.v. archeologisch onderzoek. Een beschermd monument (nr. 291: Singeltjes van Burgst) is toegevoegd in Breda.  (plangebied aangeduid met een rode stippellijn)

Beleidsadvieskaart Breda’s Erfgoed deel 1 Archeologie (gemeente Breda, 2008) NB: Enkele terrei-nen ten (noord)westen van Breda zijn afgevallen a.g.v. archeologisch onderzoek. Een beschermd monument (nr. 291: Singeltjes van Burgst) is toegevoegd in Breda.  (plangebied aangeduid met een rode stippellijn)

Zundert

In de ‘Archeologische waarden- en verwachtingenkaart’ (zie onderstaande figuur) van de gemeente Zundert zijn binnen het plangebied van het project Windenergie A16 de volgende archeologische verwachtingen opgenomen: ‘laag’, ‘gematigd’ en ‘hoog’.

Archeologische waarden- en verwachtingenkaart (2011, Vestigia) (plangebied aangeduid met een rode stippellijn)

Archeologische waarden- en verwachtingenkaart (2011, Vestigia) (plangebied aangeduid met een rode stippellijn)

Met behulp van een GIS[3]-analyse is per opstellingsalternatief bepaald hoeveel windturbines zijn voorzien op gronden met middelhoge (ook wel gematigde) en hoge archeologische verwachtingswaarden (trefkans). Onderstaande tabel vat, op basis van de windturbinelocaties van de 11 opstellingsalternatieven, samen wat de archeologische trefkans c.q. verwachtingswaarde is per alternatief. Hiermee kan op globale wijze de kans op aantasting of verlies van archeologische waarden worden bepaald. Immers gesteld kan worden dat bij plaatsing van windturbines in gebieden met dergelijke verwachtingswaarden, er een relatief grotere kans bestaat op aantasting of verlies van archeologische waarden. Hierbij is voor de vier gemeenten aansluiting gezocht bij de archeologische beleidskaarten. Bij het bepalen of een windturbine binnen een vlak met gematigde/middelhoge of hoge verwachtingswaarde valt, is een cirkel met straal 10 meter geprojecteerd rondom de windturbineposities. Op basis van de definitieve turbinelocaties zal blijken of archeologisch onderzoek nodig is. Mocht dit zo zijn, dan wordt dit onderzoek in het kader van de vergunningverlening uitgevoerd.

NB: Het is belangrijk om te weten dat in gebieden waar de trefkans laag is wel degelijk archeologische resten kunnen voorkomen.

Tabel - Aantal windturbines op gronden met een gematigde/middelhoge of hoge archeologische verwachtingswaarde/trefkans

Aantal windturbines op gronden met een gematigde/middelhoge of hoge archeologische verwachtingswaarde/trefkans

*incl. gronden aangeduid met behoudenswaardige archeologische waarden.

Uit de GIS-analyse volgt tevens dat er bij alternatieven M1 en M3 een windturbine wordt voorzien op gronden aangeduid als ‘Gebieden met behoudenswaardige archeologische waarden’ op de ‘Beleidsadvieskaart Breda’s Erfgoed deel 1 Archeologie’ van de gemeente Breda. Het gaat hierbij om een windturbinepositie binnen verkeersknooppunt Galder. Hoewel voor deze grond geen nadere informatie is opgenomen in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Zuid’ van de gemeente Breda, is het in de Cultuurhistorische waardenkaart (CHW) wel als vlak opgenomen (zie onderstaande figuur). De beschrijving voor dit terrein luidt als volgt:

“Terrein met sporen van bewoning (vuursteenvondsten) uit het mesolithicum. Door RAAP werden vuursteenvondsten aangetroffen in de boor. De bodem is deels verstoord. Ligt op een uitloper van een dekzandrug. Vanwege werkzaamheden m.b.t. de HSL heeft er een kleine bodemingreep (sleufje) plaatsgevonden. Het betreft een voormalig terrein van Archeologische Betekenis (50B-A01), dat in het kader van het project IWAT (een nadere waardering van terreinen van Archeologische Betekenis in de provincie Noord-Brabant, uitgevoerd in 2003-begin 2004) niet kon worden verkend. De beschikbare Archis-gegevens gaven aanleiding tot de opwaardering van het terrein tot de huidige status (AW).”

Figuur - Uitsnede van Cultuurhistorische waardenkaart 2010

Uitsnede van Cultuurhistorische waardenkaart 2010

Het gaat hier om een terrein van Archeologische Waarde. Dit is een terrein waarvan bekend is dat er archeologische waarden aanwezig zijn. Deze terreinen met bekende archeologische waarden zijn ingedeeld in categorieën en worden ook wel aangeduid als archeologisch monument. Alleen de hoogste categorie “zeer hoge archeologische waarde”, kan ook daadwerkelijk beschermd zijn volgens de (oude) Monumentenwet art 6. Uit de ‘Archeologische Monumentenkaart (AMK)’ volgt dat het vlak binnen knooppunt Galder waarde ‘Terrein van archeologische waarde’ heeft en dus niet is beschermd volgens de (oude) Monumentenwet.

Vanwege de toegekende waarde aan het ‘Terrein van archeologische waarde’, zal roering in deze gronden als apart beoordelingscriterium worden opgenomen voor het milieuaspect ‘archeologie’. In onderstaande tabel wordt de beoordelingsschaal voor het milieuaspect ‘archeologie’ toegelicht.

Score milieuthema archeologie

De opstellingen scoren dan als volgt:

Tabel - Conclusie archeologie

Conclusie archeologie

 

 

[1]     https://archeologieinnederland.nl/bronnen-en-kaarten/amk-en-ikaw

[2]     De Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) bevat een vlakdekkende en landsdekkende

classificatie van de trefkans op archeologische resten.

[3]     Geografisch informatiesysteem